Alles.

Ja, echt, álles mag gezegd worden.

Je stimuleert je medewerkers om kritisch te zijn. Je verwácht het zelfs van ze.

 

Toch gebeurt het veel te weinig

Want niemand durft alles te zeggen, zeker niet tegen jou. Want jij bent de baas.

Zelfs in de platste organisatie heb je een hiërarchie. Machtsverhoudingen. En die kleuren elke vergadering. That’s life at the office for you.   

 

Jammer, want tegenspraak is zinvol

Daar zijn bijna alle managers die meededen aan het onderzoek naar tegenspraak van Management Team het over eens. Maar slechts 28% procent van die groep zegt er structureel iets mee te doen. De rest ziet tegenspraak als iets dat organisch gebeurt: in een open en veilige omgeving gaat het vanzelf, denken ze.

Niet dus.

Wat doet dan die 28 procent van de managers?

 

Ze vrágen om tegenspraak

Goed begin. Ik stel me voor dat dat ongeveer zo gaat op de afdelingsvergadering: ‘Zeg Piet, wat vind jij nou van dit plan? Eerlijk zeggen, hoor.’  

Piet wil niet tegen je zeggen dat hij dat management development programma gebakken lucht vindt. Want jij was er zo enthousiast over. En je hebt ook al die gesprekken met de consultants al gevoerd. Volgende week gaat het programma van start. Piet wil geen pretbederver zijn.

Dus Piet zegt: ‘Het kost wel een boel tijd, vind ik.’

‘Ja,’ zeg jij, ‘maar dan heb je ook wat.’

‘Ik ben benieuwd wat het oplevert,’ zegt Piet dan.

En jij zegt: ‘Ik ook, Piet, ik ook. Want nódig is het.’ En door naar het volgende agendapunt.

 

Jij snapt ook wel dat hij zich misschien niet vrij voelt

Daarom spreek je mensen liever onder vier ogen. Jouw deur staat altijd open. Maar hoe vaak loopt een medewerker onaangekondigd bij je binnen? Je agenda is propvol. 

 

Dus je plant gesprekken in

Dat is al beter. Want jij wou immers tegenspraak. Maar het probleem blijft: je vraagt mensen om hun persoonlijke mening. Dat is gevaarlijk, per definitie. Office life, weet je nog?

 

Maar hoe kom je dan aan tegenspraak?

Je organiseert hemOp zo’n manier dat níémand zijn persoonlijke mening hoeft te geven, terwijl tóch alles gezegd wordt. Hoe doe je dat? Je organiseert een debat.

 

Een debat? Dan wordt het toch juist heel politiek?

Gek genoeg haalt een goed georganiseerd debat alle kantoorpolitiek uit de discussie. Het is als een verkleedpartij: ineens kun je ongestraft de nar uithangen, terwijl je anders altijd constructief méédenkt. 

 

Hoe doe ik dat?

Je hebt een voorstel: je pleit er bijvoorbeeld voor een elektrische tandenborstel voor senioren in de markt te zetten. En je wil dat daar nou eens echt kritisch naar wordt gekeken, voordat je die R&D-investering doet.  

Je stuurt je medewerkers een week van tevoren een mailtje. Op de vergadering laat je het voorstel door drie mensen verdedigen en geef je drie collega’s de opdracht om het genadeloos aan te vallenDe voorstanders moeten het plan tot het bittereeinde verdedigen.

Laat om en om een voorstander en een tegenstander aan het woord en geef iedereen 4 minuten spreektijd. Een neutrale voorzitter zorgt dat niemand door elkaar heen praat.

Heel belangrijk: de positie in het debat staat los van ieders persoonlijke mening. Persoonlijke meningen zijn namelijk helemaal niet interessant. Argumenten zijn interessant. Alle argumenten.

 

In het kort: een debat heeft drie voordelen

  • Medewerkers spreken vrijer, omdat ze een rol spelen.

  • Het stimuleert de creativiteit: de voor de hand liggende argumenten komen ook bij een traditionele vergadering wel op tafel. Maar pas als het debat lastig wordt, krijgt de argumentatie diepte.

  • Je kunt álle collega’s aan het woord laten. Zowel de onzekere medewerker die liever op de achtergrond blijft als de carrière-tijger die zijn mening graag door de kantoor-politiek laat bepalen.

 

Bovendien heb je eindelijk een keer lol op de afdelingsvergadering.

 

En nu?

Prik een datum en stuur je medewerkers een uitnodiging. En download hier onze handleiding om zelf een debat op kantoor te organiseren. Heb je vragen? Bel dan gewoon even.